Rijkswaterstaat heeft de ambitie om een substantieel deel van zijn eigen energieverbruik op te wekken uit duurzame bronnen. Een mogelijke kostenefficiënte methode is om daar, waar toch al pompen zijn opgesteld, deze 'omgekeerd' te gebruiken voor het opwekken van waterkracht. Een proef heeft nu uitgewezen dat door de bestaande pompgemaal bij watergemaal Born (Julianakanaal) 'omgekeerd' te gebruiken stroom oplevert.
Met deze eigenlijk eenvoudige innovatie komt het energieneutraal functioneren van sluisobjecten dichterbij. De proef is juist op het Julianakanaal in Limburg succesvol vanwege het grote hoogteverschil van 11 meter. Normaliter pompt het gemaal water omhoog. Door het water terug te storten ontstaat waterkracht en dus energie. Het andere gemaal in Maasbracht kan ook als waterkrachtcentrale worden gebruikt. De proef werd uitgevoerd in samenwerking met Entry Technology Support en een groep van specialistische bedrijven.
Samenwerking
De turbine/spui-proef is uitgevoerd door een team van experts van diverse specialistische bedrijven onder regie van Rijkswaterstaat en Entry Technology Support. Het uitvoeringsteam voor de technische aanpassingen en de aansturing en metingen tijdens de proef bestond uit Nijhuis Pompen, Modderkolk, Stork, Subcom en Bierens Machinefabrieken. De proef werd uit belangstelling bijgewoond door de bedrijven en organisaties Cofely, Enexis, Besix-Mourik en Maaswerken.
Julianakanaal
Het Julianakanaal begint ten noorden van Maastricht als aftakking van de Maas en eindigt ongeveer 36 kilometer verder bij Maasbracht, waar het water weer terug de Maas instroomt. De meeste schepen die via de Maas naar België varen, gaan door het Julianakanaal.
Bron: Rijkswaterstaat Limburg 18 december 2009│www.rijkswaterstaat.nl
Terug